Vóór de procedure
Preventieve brief
Als u verwacht dat een octrooihouder voorlopige maatregelen tegen u kan aanvragen, zoals een voorlopige voorziening, kunt u een beschermingsbrief indienen bij het UPC. Dit stelt u in staat om vooraf argumenten aan te voeren inzake niet-inbreuk en/of ongeldigheid, waardoor het risico wordt verminderd dat voorlopige maatregelen worden toegekend zonder dat u wordt gehoord. Een beschermingsbrief blijft zes maanden in het register staan (met mogelijke verlengingen) en kan een doorslaggevend instrument zijn om ex parte-beslissingen te voorkomen – ingeleid door een houder en eenzijdig beoordeeld door het UPC.
Zelfstandige nietigverklaring
Als een octrooi een aanzienlijk commercieel risico voor uw bedrijf vormt, kunt u de geldigheid ervan proactief aanvechten door een op zichzelf staande nietigheidsvordering in te dienen bij het UPC. Als deze vordering succesvol is, wordt het octrooi nietig verklaard met werking voor alle deelnemende UPC-lidstaten, niet alleen tussen de betrokken partijen. Deze vordering kan een toekomstig geschil fundamenteel hervormen en/of voorkomen, zelfs voordat er een inbreukprocedure wordt gestart.
Verklaring van niet-inbreuk (DNI)
Met een verklaring van niet-inbreuk kunt u het UPC vragen te bevestigen dat een specifieke handeling geen inbreuk maakt of zou maken op een octrooi. In dit soort procedures neemt u als eiser het initiatief, terwijl de octrooihouder de verweerder wordt in de DNI-procedure. Hoewel het effect van een DNI beperkt is tot de betrokken partijen (inter partes), kan het in één enkele procedure waardevolle rechtszekerheid bieden in alle lidstaten van het UPC.
Experten