Eén miljoen octrooien maken van China nog geen innovatiekampioen

Delen via:

     

Het traject van ‘Made in China’ naar ‘Invented in China’ is en blijft een lange mars voor de Chinezen.

Door Valentin de le Court, expert bij GEVERS China Desk
Bron: De Tijd

Innovatie en economische groei staan al jaren met stip bovenaan op de prioriteitenlijst van de Chinese autoriteiten. Ook in het jongste vijfjarenplan (2016-2020) bevestigde de Partij zijn voornemen om een innovatiegedreven economie te worden als sleutel voor de economische groei.

Het doel is om van een productiegedreven economie te evolueren naar een kennisgedreven economie - van ‘Made in China’ naar ‘Invented in China’.

Een recent rapport van de World Intellectual Property Organization (WIPO) lijkt aan te tonen dat het de Chinezen menens is. Chinese bedrijven deden het voorbije jaar meer dan 1 miljoen octrooiaanvragen. ‘Wereldrecord patenten aanvragen voor Chinezen’, kopte De Tijd op 25 november.

De vraag is: toont dat aan dat China inderdaad een innovatiekampioen aan het worden is, of zien we daar vooral de effecten van een overheidspolitiek die octrooi-aanvragen aanmoedigt? De waarheid ligt ergens in het midden.

Enerzijds zijn de cijfers wellicht wat flatterend. De Chinese autoriteiten voeren een beleid dat bedrijven aanmoedigt om massaal octrooien aan te vragen. Dat speelt ongetwijfeld een rol in de enorme toename van het aantal aanvragen de laatste jaren, met als piek het 'record' van 2015.

Anderzijds zijn er wel degelijk tekenen dat het Chinese beleid een impact heeft op de innovatiekracht van de Chinese economie. De budgetten voor onderzoek&ontwikkeling zijn tussen 2007 en 2015 met 120 procent gestegen, en verwacht wordt dat die groei nog zal versnellen. Steeds meer Chinese bedrijven begrijpen wat intellectuele eigendom (IP) kan betekenen en integreren octrooien in hun businessmodellen en hun strategie.

Goed op weg

De kwaliteit van de octrooien verbetert ook zienderogen en de bescherming van het intellectuele eigendom wordt makkelijker. China wordt zowaar een aantrekkelijke markt om conflicten over intellectuele eigendom voor de rechtbank te beslechten.

China is dus goed op weg om een sterke innovatie-economie te worden. Maar het aantal octrooiaanvragen verhult een belangrijk gegeven. Van het miljoen aanvragen werden er amper 42.154 internationaal ingediend. Dat is zo’n 4 procent. Dat is een grote sprong voorwaarts tegenover 2010, toen Chinese spelers maar 15.300 internationale octrooiaanvragen indienden. Maar het contrast met de octrooiaanvragen van de Verenigde Staten of Japan, landen waar internationale aanvragen zo’n 45 procent van het totaal uitmaken, is enorm.

De WIPO stipt zelf aan dat de internationale aanvragen een indicatie geven van de ambitie om de technologie ook internationaal aan de man te brengen. Het lijkt er dus op dat Chinese bedrijven een beetje koudwatervrees hebben om wereldwijd te concurreren.

Op een reis vorige week door China bezocht ik met onze China Desk veel bedrijven in Peking en Sjanghai en de koudwatervrees leek daar effectief aanwezig te zijn. Veel Chinese bedrijven zijn nog niet bezig met de internationalisering en plannen pas een internationale expansie nadat ze hun - gigantische - binnenlandse markt hebben veroverd.
Verkeerde indruk

Dat beeld staat een beetje haaks op de indruk die in onze contreien leeft, namelijk dat Chinese spelers nu al zeer actief zijn op het internationale toneel. Een indruk die versterkt wordt in de berichtgeving over enkele zeer zichtbare overnames of pogingen daartoe, zoals Eandis.

Maar wat we nu zien, is maar de top van de ijsberg. Want de Chinese autoriteiten hebben wel degelijk de ambitie om op basis van hun innovatiestrategie ook een dominante economische wereldspeler te worden. Het ‘One Belt, One Road’-beleid uit het recentste vijfjarenplan is daar vrij duidelijk over. China wil dat zijn bedrijven gaan concurreren en groeien op de internationale markten.

In ons land moeten we niet verder kijken dan het China Belgium Technology Center (CBTC) in Louvain-La-Neuve, dat Chinese technologiebedrijven wil helpen om vanuit België de Europese markt en de wereldmarkten te veroveren.

We mogen ons dus zonder twijfel verwachten aan meer concurrentie van de Chinese bedrijven op onze markten. Dat zal gepaard gaan met wat vallen en opstaan. Ik hoorde gisteren nog dat de Chinese overheid de internationale expansie van Chinese bedrijven wil afremmen om de yuan te stutten.

De vraag is of zulke binnenlandse problemen de Chinese ambitie zullen temperen om een spelverdeler op de internationale markten te worden. Het volgende jaarrapport van WIPO zal in elk geval interessante lectuur opleveren.